Van netbewust bouwen tot energie delen in de buurt: Arnhem past energieplanologie op verschillende manieren toe. Bekijk voorbeelden van hoe de gemeente energie meeneemt in gebiedsontwikkeling, samenwerking en concrete projecten.
Rijnpark in Arnhem
Van netbewust bouwen tot energie delen in de buurt
Arnhem past energieplanologie op verschillende manieren toe. De volgende voorbeelden laten zien hoe de gemeente energie meeneemt in de organisatie en in ruimtelijke ontwikkelingen.
Rijnpark: netbewust bouwen met een buurtbudget
Rijnpark verandert van een bedrijventerrein in een gemengd woon-werkgebied met ongeveer 7.000 woningen en 5.000 banen. De eerste fase bestaat uit 3.500 woningen en 80.000 m² winkels en voorzieningen. Hiervan is 40 % sociale huur en 26 % betaalbare koop. Ook komt er een vaste plek voor de huisvesting van 450 asielzoekers.
Energie is hier een randvoorwaarde voor de bouw van de wijk. Met Liander is een intentieovereenkomst gesloten over duurzaam netbewust bouwen binnen een buurtbudget. Dit is een vooraf afgesproken maximum voor de belasting van het net.
De inzet is de energiebehoefte van gebouwen te verlagen van 55 naar 30 kWh/m² per jaar. Bedrijven die voor de ontwikkeling moeten verplaatsen, krijgen zekerheid over hun energieaansluiting.
Het eerste concept voor het energiesysteem bestaat uit een energiehub met een groepscontract en een energiemanagementsysteem. Ook zijn een collectieve warmtepomp van 45 graden met WKO en warmtebuffer, warmtepompen in de gebouwen voor warm tapwater en een mobiliteitshub met slim laden, opslag en een piekvoorziening onderdeel van het concept.
Energysisters on tour
Sturen op energie begint in de eigen organisatie. Met ‘Energysisters on tour’ gaan collega’s die met energie bezig zijn in gesprek met collega’s van andere afdelingen.
De kernboodschap is dat energie een randvoorwaarde is voor nieuwbouw, voor de verduurzaming van wonen en werken en voor mobiliteit. De gesprekken gaan over wat bij netcongestie nog wel kan, hoe duurzaam en netbewust bouwen werkt, hoe collega’s data en de Energieatlas kunnen gebruiken en bij wie zij terechtkunnen voor hulp.
Het doel is dat energie vroeg in projecten wordt meegenomen en niet pas aan het einde als knelpunt naar voren komt.
Saksen-Weimar in Arnhem
Energiegemeenschap Saksen-Weimar
Saksen-Weimar is een voormalig kazerneterrein in Arnhem. De kazernegebouwen met corporatiewoningen en kleine bedrijvigheid en de nieuwe appartementen met sociale huur en middenhuur hebben geen zonnepanelen.
De nieuwe twee-onder-een-kapwoningen en vrijstaande woningen wekken in de zomer juist meer zonnestroom op dan zij zelf kunnen gebruiken of kwijt kunnen op het net.
De Energiegemeenschap Saksen-Weimar wil dat overschot delen met de buurt. De deelnemers maken onderling afspraken over de prijs. Een Home Energy Management Systeem (HEMS) helpt bewoners om hun energiegebruik af te stemmen op het aanbod.
Overtollige stroom kan als warmte worden opgeslagen in een ondergrondse bunker uit de Koude Oorlog. De gemeente is eigenaar van deze bunker. De warmte kan in de winter worden gebruikt voor het verwarmen van huurwoningen of zwembad Valkenhuizen.
Het project is onderdeel van het Europese Interreg NWE-project ACCU en wordt uitgevoerd met onder meer woningcorporatie Vivare en Liander.
Gebiedsuitwerking van het energiesysteem met Alliander
In april 2025 sloten de gemeente Arnhem en Alliander een strategische samenwerking. Een van de onderdelen is gezamenlijke energieplanologie.
Voor de hele stad zijn met het Energy Transition Model (ETM) 2 toekomstscenario’s voor 2050 vergeleken. Het scenario ‘Koersvaste Middenweg’ van Netbeheer Nederland vormt de basis voor de investeringsplannen van Liander. Dit scenario gaat uit van sterke elektrificatie en een forse uitbreiding van het elektriciteitsnet.
In het Arnhemse scenario wordt aan andere knoppen gedraaid:
- maximaal isoleren;
- lokale warmtebronnen en warmtenetten gebruiken;
- meer wandelen en fietsen en slim en bidirectioneel laden van auto’s;
- lokale opwek zonder teruglevering en flexibiliteit via buurtbudgetten, thuisbatterijen en energiemanagementsystemen.
Het verschil tussen beide scenario’s in capaciteitsvraag is ongeveer 120 MW op hoogspanning, 100 MW op middenspanning en 20 tot 70 MW op laagspanning. Volgens de gemeente kan de benodigde netverzwaring hierdoor met maximaal 80 % afnemen. Daardoor is minder ruimte nodig voor het elektriciteitsnet. Als elke gemeente op deze manier werkt, volgen ook lagere kosten die doorwerken in de energierekening.
GSG Guido de Bres in Arnhem
Nieuwbouw middelbare school Guido de Bres
Toen Liander in 2023 een noodzakelijke verzwaring van de elektriciteitsaansluiting voor de nieuwbouw van de middelbare school Guido de Bres afwees, dreigde het project vertraging op te lopen.
De school en de gemeente gingen door met het ontwerp en onderzochten tegelijk alternatieven. Ze keken onder meer naar het behouden van de gasaansluiting, een dieselaggregaat, WKO, aansluiting op het trolleybusnet en een accusysteem.
De keuze viel op 2 inpandige accu’s. Deze worden gevoed door 270 zonnepanelen en aangestuurd door een energiemanagementsysteem. Daarmee kon het volledig elektrische gebouw met een kleine aansluiting binnen de planning en het budget worden gerealiseerd.
Kamillehof: minder middenspanningsruimtes
In de buurt Kamillehof, onderdeel van het cluster Malburgen-Oost, staan nu 4 middenspanningsruimtes (MSR’s). In de buurtaanpak van Liander zijn 4 extra MSR’s nodig.
In het EvA-scenario wordt de buurt aangesloten op een collectief warmtenet. Dan zijn 2 extra MSR’s nodig. Dat scheelt ruimte en netinvesteringen.
Deze besparing is alleen mogelijk als Liander erop kan rekenen dat het warmtenet er ook echt komt. Van de gemeente vraagt dit dat zij de ambities uit EvA snel vertaalt naar bestuurlijke besluiten, capaciteit en middelen reserveert voor de aanleg van het warmtenet en actief regie neemt over de energietransitie.