Energie en ruimte sluiten nog niet goed op elkaar aan
Energieplannen en ruimtelijke plannen worden nu vaak los van elkaar gemaakt. Daardoor sluiten ze niet goed op elkaar aan.
Energieplannen kijken vooral naar de huidige situatie en groei:
- Ze voorspellen de toekomst op basis van wat er nu is
- Ze rekenen met hoeveelheden energie (megawatts)
- Ze hebben vaak geen duidelijke kaart of locatiekeuze
- Er wordt geïnvesteerd op basis van verwachte vraag
Ruimtelijke plannen werken anders:
- Ze starten vanuit een gewenst toekomstbeeld (backcasting)
- Ze houden rekening met grote veranderingen
- Ze maken keuzes voor de lange termijn en voor specifieke plekken
- Ze investeren op basis van de vraag: wat voor gebied willen we zijn?
Lagenmodel in de Ruimtelijke Ordening (Bron: College van Rijksadviseurs)
Niet alles kan meer overal
Het principe van ‘de koperen plaat’ moet worden losgelaten. Het idee dat overal altijd energie beschikbaar is, werkt niet meer.
Energie wordt een belangrijk onderdeel van ruimtelijke keuzes:
- Energie vraagt zelf ruimte (bijvoorbeeld voor kabels en stations)
- Energie bepaalt ook waar andere ontwikkelingen kunnen plaatsvinden
We moeten daarom anders denken. Niet alleen de vraag bepaalt, maar ook het aanbod. Ontwikkelingen komen vaker op plekken waar energie beschikbaar is.
Het is nodig om energie al aan het begin van plannen mee te nemen. Niet pas aan het eind. Zo voorkom je problemen later.
Gevolgen van te laat kiezen
Als keuzes te laat worden gemaakt, ontstaan problemen:
- Sectoren kiezen voor individuele oplossingen, zoals elektrische systemen
- Warmtenetten worden moeilijker of zelfs onmogelijk
- Voor de industrie blijft onduidelijk welke energie beschikbaar komt
- Bedrijven kunnen vertrekken door onzekerheid
Ook verschillen tussen keuzes op landelijk, provinciaal en lokaal niveau zorgen voor vertraging en onzekerheid.
De ambitie van energieplanologie
Overheden willen meer sturen op energie. Dat betekent:
- Bepalen welke energie waar en wanneer beschikbaar is
- Keuzes maken voor verschillende energievormen per gebied (zoals elektriciteit, warmte of gas)
- Ontwikkelingen sturen naar de juiste plekken
Dit gebeurt in 3 stappen:
- Overheden, netbeheerders en andere partijen maken samen keuzes
- Deze keuzes worden vastgelegd in officiële besluiten
- De keuzes worden verwerkt in beleid en investeringsplannen
Waarom keuzes maken lastig is
Het maken van keuzes in het energiesysteem is ingewikkeld. Er spelen veel belangen tegelijk en er is niet altijd genoeg informatie. Ook zijn rollen en verantwoordelijkheden niet altijd duidelijk. Daarnaast zijn sommige keuzes politiek gevoelig. Hierdoor kost het tijd om tot goede en gedragen besluiten te komen.
Onzekerheid en beperkte kennis
- Data over energie vaak verspreid is
- Sommige data niet beschikbaar is
- Het gaat om investeringen voor de lange termijn
- De toekomst onzeker is
Onduidelijkheid over rollen
- Provincies hebben een nieuwe rol en gebruiken hun bevoegdheden nog niet volledig
- Gemeenten en provincies moeten nog wennen aan samenwerking
- Er zijn vragen over wie welke keuzes mag maken
Beperkte sturing
- Netbeheerders moeten zich houden aan regels, zoals de aansluitplicht
- Landelijke keuzes liggen bij het Rijk (zoals wind op zee en waterstofnetten)
- De markt maakt sturen op warmte en gas lastig
Politieke gevoeligheid
- Infrastructuur en windmolens zorgen voor weerstand
- Minder investeren in elektriciteit is gevoelig, omdat de gevolgen lokaal zichtbaar zijn
Wat kunnen overheden en netbeheerders doen?
Acties voor de korte termijn
Partijen moeten meer samenwerken over grenzen heen. Ze maken afspraken over:
1. Minder druk op het elektriciteitsnet
Dit kan door:
- Vraag en aanbod beter op elkaar af te stemmen
- Meer gebruik van warmte en duurzame gassen
- De groei van energievraag te beperken
- Slimmer gebruik van het net
2. Ontwikkelingen sturen naar geschikte plekken
Dit betekent:
- Bedrijven en woningen stimuleren op plekken met ruimte op het net
- Ontwikkelingen vermijden op plekken zonder ruimte
3. Zekerheid geven via beleid
Overheden leggen keuzes vast in beleid. Zo ontstaat duidelijkheid voor de toekomst, ook voordat er concrete aanvragen zijn.
Acties voor de lange termijn
1. Betere investeringen
Investeringen in energie-infrastructuur worden onderdeel van ruimtelijke keuzes. Daarbij wordt gekeken naar:
- Bodem en water
- Netwerken
- Gebruik van de ruimte
2. Van vraag naar aanbod
We gaan van een systeem dat reageert op vraag naar een systeem dat uitgaat van aanbod en ruimte.
3. Nieuwe spelregels
Er zijn nieuwe regels nodig, zoals:
- Manieren om keuzes af te wegen (bijvoorbeeld brede welvaart)
- Aanpassingen in wetgeving voor energie en ruimte
Samenvattend: naar een definitie van energieplanologie
Energieplanologie is de interactie tussen ruimte en energie, op verschillende schaalniveaus in tijd en ruimte, met als resultaat dat energie en haar infrastructuur een ordenend principe is in de ruimtelijke inrichting.